Tekst: Roel Peijs

Bezwerend en sektarisch. Zo begint de tijdreis van No Man’s Valley. Met prachtig vormgegeven artwork (we zijn nu al benieuwd naar de uitgave op doorzichtig vinyl) en een intro-track die qua sfeer een beetje doet denken aan de machinale eenvoud van een band als de Staat worden de poorten naar andere dimensies en tijden wagenwijd voor ons open gezet.

Dan de single, ‘Kill the Bees.’ Qua vibe een song die hier en daar wel wat weg heeft van Nick Cave, totdat het orgel de controle halverwege overneemt om de laatste overlevenden uit de zwerm te doen verdrijven met een instrumentaal overstuurde outro.

Het is halverwege het album al duidelijk dat de band – die haar sound al sinds het begin doorspekt met orgelgeluiden – haar ware identiteit nu lijkt te hebben gevonden. Volwassen, dreigend en donker. Waar vorige releases nog enigszins ‘poppy’ aandeden wordt het roestige randje steeds beter hoorbaar en dat is precies wat NMV interessanter maakt dan menig ander gezelschap. ‘The wolves are coming’ is de enige track die we nog kennen van een vorig wapenfeit en is toegegeven het meest toegankelijke nummer van de plaat. Zo catchy als de track al klonk op de vorige EP brengt het stuk op dit album precies de juiste nuance aan. Luchtig en meezingbaar, kortom; zeer welkom op het moment dat je halverwege al bijna weggezogen wordt in de melancholie van de rest van de schijf.

Op ‘Love or axe murder’ klinkt NMV onheilspellend als een seriemoordenaar uit de toekomst. De mysterieuze klanken in de eerste helft van ‘The man who walks backwards’ hadden dan weer niet misstaan op de soundtrack van Twin Peaks, maar ook hierbij vervalt de muziek van NMV nergens tot achtergrondmuziek. De opzwepende refreintjes en kreten van de frontman houden de luisteraar in zijn greep.

Die vocalen van frontman Hesselink klinken trouwens met vlagen zoals die van Jim Morrison, hetgeen ook al heel erg opviel tijdens de support-shows van het vijftal voor The Doors Alive. Toch wordt het nergens teveel van hetzelfde. Hesselink zelf zorgt voor de broodnodige variatie, mede door hier en daar gebruik te maken van een megafoon of ander stemeffect. Daarnaast voegen de extra vocalen van de overige bandleden – ze zingen allemaal mee – behoorlijk wat extra lagen toe die het luistergenot dan ook vaak bevorderen. ‘Sinking the lifeboat’ kabbelt op die manier voort op verschillende zangsporen.

Niet om een pleidooi voor No Man’s Valley te houden, maar het is gek dat de groep niet geselecteerd werd voor Popronde Nederland. Nu is dat op zich niet gek met 1300 landelijke aanmeldingen, maar ook voor het showcasefestival Dvers werd het gezelschap vooralsnog niet geboekt. Niet dat er twijfels zijn aan de selectiecommissie, integendeel, maar met een dergelijk album en de nodige speelervaring is NMV wellicht een van de meest relevante bands om in oktober van dit jaar in Sittard te programmeren. Maar goed, misschien is het nog niet te laat. We kunnen immers niet in de toekomst kijken.

Share

Reacties